Vorige pagina                                                                                                                                                                                        Overzicht Australie


Donderdag 25 juni, Seisia

We zijn nu voor de derde dag in Seisia en zijn druk, druk. Is Sesia dan zo bijzonder? Nee. Het is vrijwel niks. Maar het heeft een prima beschutte ankerplek. En een camping vol tenten met 4-wheel-drives maar ook met wasmachines, en drooglijnen waar je je was kunt drogen.

Camping Seisia
De sport in Australie, met de 4-wheeldrive naar de top

En een cafetaria waar je met een hapje in de schaduw kunt wachten tot je was droog is. En er zijn douches met heel veel warm water dat je zo maar over je heen kunt laten stromen. De supermarkt heeft een rijk aanbod van eten dat bij ons net aan het opraken was, ook sla, tomaten en yoghurt. Er is goed drinkwater aan de steiger en ook nog een benzinepomp. Kortom alles wat de langeafstandszeiler zo nu en dan nodig heeft.
Maar inmiddels hebben we gebunkerd wat nodig was en zijn klaar voor de oversteek van de Golf Van Carpentaria naar de Wessel eilanden, 340 mijl. Op de Wessel eilanden zullen we proberen een stop te maken voor we doorvaren naar het Cobourg Peninsula, een natuurgebied waar we ook een tijdje willen blijven.


Zaterdag 27 juni, tweede de dag op de golf van Carpenteria

De golf van Carpentaria heeft een slechte naam. Hij is betrekkelijk ondiep, de golven zijn hoog en steil, het waait er vaak verschrikkelijk hard en het stroomt verradelijk. Verschillende schepen rapporteerden hier achterin komende brekende zeeen. Maar onze ervaringen zijn zo slecht nog niet. Vrijdag, toen we uit Seisia vertrokken, was er weinig wind. Er stond een knoopje of 8 a 9 uit het oosten. Daar hebben we de hele dag nog op kunnen zeilen, niet zo snel, maar het zeilde, met een vaartje van tussen de 3 en 4 knopen over vlak water. Gisteravond om een uur of 10 was het helemaal afgelopen met de wind. Tot vanochtend vroeg hebben we op de motor gevaren. Gelukkig stak er vanochtend een zuidelijk briesje op, zwak, maar omdat de wind half inkomt is er nog goed op te zeilen. Zo komen we langzaam verder in de richting van de Wessel eilanden.
De Australiers houden hun kusten goed in de gaten. Continu zitten hier vliegtuigen van de kustwacht in de lucht. Bij ons kwamen ze laag overgevlogen waarna ze ons opriepen op de marifoon. Naam en thuishaven, van waar, waarheen, ze houden het voor alle schepen bij. Verder is de lucht blauw, de zon warm en de zee vol dolfijnen en ander leven. Nog 210 mijl (om 13.30 uur, van de 340) naar de Wessel eilanden.


Maandag 29 juni 2009, aangekomen in Two islands Bay op Marchinbar Island, Wessel Islands.

Aanvankelijk zeilden we nog mooi deze nacht, maar langzamerhand nam de wind wat af en om de een of andere reden werden de golven ruwer. Het gevolg laat zich raden, de zeilen begonnen te klapperen. Maar als je dan toch nog wat vaart maakt onder zeil, dan probeer je dat vol te houden. Om 5 uur vanochtend werd het te gek, ik kon het knallen van de zeilen op de bewegingen van de boot niet meer verdragen. Ondanks dat we zeilend nog rond de 3 knopen maakten werd de genua opgerold en het grootzeil gereefd strak in het midden gesjord, motor aan. Ook rond die tijd ontwaarden we het licht van Kaap Wessel. De Wessels bestaan uit een smalle sliert eilanden die zich zo'n 100 mijl naar het noorden in de Arafura zee uitstrekken.

C
Kaap Wessel

De uiterste punt is Kaap Wessel. Die kaap rondden we om half 8 vanochtend. Bij nieuw land dat je aanloopt weet je nooit wat je je er bij moet voorstellen. Bij eilanden die zich zo ver in een woeste zee uitstrekken denk je aan hoge rotsen en steile klippen. Maar hier klopt dat niet, we zien een lage kust, zandstranden en een soort duinformaties. Na het ronden van de kaap ligt 5 mijl zuidelijker een diepe baai met 2 eilandjes, ja, Two Islands Bay dus. Een schildpad begroet ons bij het invaren van de baai. En daar liggen we inmiddels als enige schip voor anker.
Positie: 11-04.51S 136-43.71E


Woensdag 1 juli 2009, Two Island Bay
 
Two Island Bay
Two Island Bay, in het midden de Johanna voor anker. Rechts North Island, links South Island

We liggen nu voor de derde dag in Two Island Bay. We wachten op wind om verder richting Darwin te zeilen, om precies te zijn naar Essington Harbour, waar we weer een stop willen maken en onze dochter Thessa aan boord zal proberen te komen. Maar het is geen straf om hier op wind te moeten wachten. We liggen alleen in de enorme baai waar je moeiteloos 100 schepen zou kunnen ankeren. Nog een week geleden lag men hier minstens met 10 schepen maar de rust in deze contreien is weergekeerd. Er gaat namelijk 18 juli een rally met 140 schepen naar Indonesie. Vrijwel ieder schip dat we tot nu toe tegenkwamen neemt deel aan deze rally. En de rallydeelnemers moeten met z'n allen rond 1 juli in Darwin zijn. Er heeft zich dus een soort groene golf van schepen langs deze kusten verplaatst. Die golf is gepasseerd en wij horen er niet bij. Daarom hebben we de baai nu voor ons zelf en dat is prima.

Strand Two Island Bay
Het strand in Two Island Bay

Two Island Bay heeft 2 eilanden, North island en South Island. Daar liggen we tussen, op ongeveer een halve mijl afstand van het strand op het grote eiland (Marchinbar Island). De eilanden bieden grillige gelaagde rotsformaties afgewisseld met pittoreske strandjes. We landen op een van die strandjes, beklimmen een rots en proberen te wandelen over het eiland. Te vergeefs, het gras is te scherp, de struiken te stekelig. Later varen we met de dinghy naar het grote strand voor ons. Hier kan je einden zwerven zonder andere levende wezens dan de vogels te ontmoeten. Of toch? Twee scherpe sporen door het zand met pootafdrukken ernaast leiden naar een zoetwaterkreek achter de eerste duinrij. Sporen waarvan? We zullen de foto's bij gelegenheid aan een deskundige voorleggen. De kreek zit vol kleine visjes en is omzoomd met weelderig groen.

kreek
Kreek op Marchinbar Island


Zaterdag 4 juli, Mangrove Cove, Port Essington

Vandaag na 2 etmalen op zee aangekomen in Port Essington. Port Essington is een enorme baai van zo'n 18 mijl lang die het Cobourg schiereiland bijna doormidden deelt. Dit gebied is eigendom van de aboriginals en helemaal natuurreservaat.
De tocht hierheen was op zijn zachtst gezegd afwisselend. Eerst een rustige dag met een ZO wind van rond de 15 knopen. Prachtig zeilen dus. De tweede dag leek nog rustiger te worden, de wind nam steeds verder af hoewel de zee erg warrig bleef. Maar tegen de avond liet de verradelijke Arafura zee zijn ware aard zien. Bijna uit het niets trok de wind opeens stevig aan, stonden overal de witte kammen op de golven en kon ik het tweede rif gaan steken terwijl ik nauwelijks klaar was met het eerste. Het positieve hieraan was wel dat we erg snel voeren, maar ja snel varen over een hobbelige zee geeft je geen rustige nacht. Verder was het steeds goed opletten, we naderden land en moesten een aantal verradelijke ondieptes ronden. Zoiets houdt de kapitein dan het merendeel van de nacht uit zijn bed ook al draait de rest van de bemanning nauwgezet haar wachten. Om 10 uur vanochtend voeren we de betrekkelijke beschutting van Port Essington binnen (Port Essigton is erg groot), en zijn we na 285 mijl varen voor anker gegaan in Mangrove Cove, in een van de zijarmen van Port Essigton, dicht bij het Seven Spirit Resort. Positie 11-11.77S 132-03.30E.


Zondag 5 juli, Mangrove Cove, Port Essington

Zojuist hebben we onze dochter Thessa bij het resort opgehaald. Zij zal de komende dagen verslag doen van de gebeurtenissen op en rond de Johanna.

Thessa in de dinghy
Onze dochter Thessa is gearriveerd

Zondag 5 juli 2009, Port Essington

Ik ben op de boot!!! Was een hele onderneming. Ik stond om 10 voor acht bij het hotel Mantra on the Esplenade waar ik tussen 8 en 8.20 opgehaald zou worden door Direct Air. Om 20 over acht waren ze er niet, ik binnen bij het hotel vragen, no worries, die komen wel. Om half negen begon ik me wel zorgen te maken en probeerde ik het resort te bellen maar die namen niet op. Het hotel zocht het telefoonnummmer van direct air voor me op, maar die namen ook niet op. Ik wist dat het vliegtuig om 9.00 zou vertrekken en het was inmiddels 8.40 dus toen maar besloten om een taxi te nemen naar het vliegveld. De mevrouw in het hotel had nog het preciese adres van Direct Air voor me opgezocht want de chartermaatschappijen zitten niet op het gewone vliegveld maar op een apart gedeelte. Gelukkig wist de taxichauffeur op het vliegveld precies het gebouwtje van direct air te vinden, en in de auto had ik het Seven Spirit Resort nog aan de lijn gekregen. Waarom ik niet opgehaald was, is me nog steeds onduidelijk maar hij zei "no worries", het vliegtuig vertrekt echt niet zonder jou. Paar minuten voor negen was ik dan ook op de goede plek en ging de piloot mijzelf en al mijn bagage wegen. Hij wist tot een paar minuten voor negen niet dat ik ook mee zou vliegen. Het was een heel leuk klein vliegtuigje, waar in totaal zes mensen in passen. Voorin de piloot en eventueel nog iemand er naast, de rij erachter zaten een man en vrouw die naar het resort gingen en op de achterste bank zat ik alleen. Onderweg echt prachtig uitzicht over de baaien en rivieren. We landden op een hele kleine stoffige airstrip en daarna gingen we met een 4wd naar het resort, nog ongeveer een half uur rijden. Daar kwamen Douwe en Maaike net aanlopen. Alles is dus goed gekomen. We zijn nu weer van Coral Bay naar Mangrove Cove gevaren, de baai naast het resort, hier wat minder deining.


bos bij Mangrove Cove
Bos bij Mangrove Cove

Douwe en ik hebben net het land verkend, prachtig strand met mangroves. Verder heeft het resort een soort wandelpad aangelegd naar een hut waarvandaan je vogels kan kijken, was een mooie wandeling door de bush. Wel op het pad overal hele grote drollen, lijken wel van een olifant. Waarschijnlijk zijn ze van buffels, dus wel gevaarlijk. Maar we zijn gelukkig geen buffel en ook geen krokodil tegen gekomen.


Maandag 6 juli 2009, Port Essington

Gingen we naar de andere kant van de baai varen naar Black point waar een ranger zit en een visitors center is.

duinen
Duinen bij Black Point

Bij Black point zelf (echt een zwarte rotspunt) stonden veel te hoge golven om te ankeren. De ranger op de marifoon opgeroepen en die zei dat we het beste tussen Black Point en Smith Point konden ankeren. Daar was het inderdaad rustiger en daarvandaan konden we makkelijk naar het visitors center lopen. Hier was een kleine tentoonstelling over de geschiedenis van Port Essington. De Britten hebben geprobeerd hier een handelscentrum op te zetten, maar dat werd een mislukking. Veel mensen werden ziek en na 11 jaar hebben ze de nederzetting Victoria weer verlaten. Er staan nu nog steeds ruines verder in de baai en die gaan we nog bekijken. De ranger kwam ook langs en die vertelde nog dat er hier dus wel krokodillen zitten. In een opblaasbare rubberboot naar de kant gaan wilde hij niet safe noemen, maar ook niet echt unsafe... chewingum voor de krokillen noemen ze het wel. 's Middags zijn we weer mooi teruggezeild naar de baai bij het resort omdat we daar 's avonds gingen eten. Op het terras van het resort hebben we de zonsondergang bekeken. De mensen waarmee ik in het vliegtuigje had gezeten lieten me de fotos zien van de wandeling die ze gemaakt hadden. Ze waren bij een zoetwaterpoel geweest waar vaak krokodillen zaten en hadden fotos van verse krokodillen sporen in het zand van de zee naar deze poel toe. Verder had een mevrouw een schedeltje van een babykrokodiletje gevonden, heel mooi. Even later zagen we opeens twee vechtende wallabies en een derde die stond toe te kijken. Toen we weer rustig op het terras zaten bewoog er opeens iets voor onze voeten, Douwe scheen meteen met de zaklantaarn en het was een hele grote dikke sissende slang, wel 4 of 5 meter lang. Hij keek ons aan met zn kopje omhoog. We riepen de australiers erbij en die zeiden oh die doet niks, een meisje dat in het resort werkt zei dat het Dolly was, de python die hier wel vaker rondkroop maar ze nu al een tijdje niet meer gezien was. Hij kroop weg onder het terras.. Zo'n python grijpt met gemak een wallabie of een kind maar een volwassene toch niet volgens die australiers. Het diner in het resort was heel goed, we kregen een zes gangen menu. Allemaal kleine hapjes, maar heel smakelijk en op het eind hadden we dan toch genoeg gehad. Toen we in het donker weer de weg terug van het resort naar het water liepen scheen ik opeens met de zaklangaarn op een kleine slang, maar iets van 1 meter lang. Hij was rustig de weg aan het oversteken. We weten niet wat voor slang het was, maar zou zomaar een gifslang kunnen zijn. Gelukkig dat we er niet op gestapt waren, best een beetje eng. Bij het water weer heel goed rondgekeken of we geen krokodillenoogjes zagen, gisteravond was hier nog een grote krokodil gezien. Maar alles leek veilig en we voeren toch maar wat sneller dan normaal terug naar de boot.


Dinsdag 7 juli 2009, Port Essington

Vandaag gingen we op weg richting de Victoria Settlements. Mooi hoog aan de wind gevaren. De Victoria settlements waren nog wat ver, we liggen nu voor anker bij een baai in Port Essington vlakbij een rots die Table Head heet, er lijkt een tafel op te staan. Hier best een lange strandwandeling gemaakt. Erg veel mooi schelpen en weer buffeldrollen. Ook hebben we vlak bij de kust een vin heen en weer zien bewegen, waarschijnlijk van een black tip haai. Verder een prachtige zonsondergang en maanopkomst. De volle maan vlak boven de boompjes op het strand, echt een plaatje. Daarna moesten we helaas snel naar binnen vluchten vanwege de muskieten die zodra de zon onder is allemaal in de aanval gaan.

maanopkomst
Maanopkomst bij Table head

Woensdag 8 juli 2009, Port Essington

Vanaf Table Head zijn we richting de rots gevaren waar de ruines van Victoria Settlement zouden moeten zijn. Het grootste stuk gezeild maar voordat je echt bij de rots komt waar Victoria op zou moeten liggen moet je een smalle doorvaart door waar je de wind bijna altijd tegen hebt. Het was vanaf een afstand moeilijk te zien waar je ergens aan land kon komen en ook was er geen goede plek om te ankeren.  Toen besloten we om het de volgende dag maar verder te verkennen en eerst door te varen naar West Bay, helemaal het einde van Port Essington. Dat was weer een mooie zeiltocht. In West Bay geankerd maar ver uit de kust, allemaal mangrovebossen en er was toch geen goede plek om aan land te gaan, dus dan liever wat afstand houden om geen last te hebben van de muggen. 's Avonds een hele mooi zonsondergang, de hele lucht was roodgekleurd.

Donderdag 9 juli 2009, Port Essington

's Ochtends vroeg zat er een kudde Dugongs rond de boot, dolfijnachtigen met een hele grote snuit. Daarna zijn we weer terug richting Victoria Settlement gevaren. Deze keer dichter langs de kust en door de verrekijker herkenden we ergens een bordje op de kust, daar was vast een weg in de buurt. Even later kwam er een hele snelle motorboot aangevaren, vol met toeristen, waarschijnlijk vanaf Black Point, we zaten dus goed. Het was lagerwal maar het waaide niet erg hard dus toch maar geankerd (positie 11 22.34S 132 09.31E) en naar de wal gegaan. Er was een hele route uitgezet langs alle ruines van Victoria en een bord met allemaal informatie.

Victoria Settlements
Restanten van de "Married quarters", de schoorstenen van de Engelse rijtjes huizen in Victoria settlements

keukens ziekenhuis
De keukens van het ziekenhuis waar velen stierven

In 1838 werd Victoria gevestigd op Ngardigawunyanggi, het land van de Madjunbalmi aboriginals. De Engelsen stichtten deze vestiging met het doel handel te drijven, ze wilden een soort tweede Singapore, maar misschien wel een belangrijkere reden was dat ze een verdedigingspunt wilden, ze waren bang dat de Hollanders zich ook het noorden van Australie zouden toeŽigenen. In 1938 is veel van de restanten van de nederzetting verwoest door een cycloon maar er is nog best wat te herkennen van de verschillende gebouwen. Voorraadschuren, huizen, het ziekenhuis waar op een gegeven moment op twee mensen na alle inwoners van Victoria in lagen en helemaal op het eind de graven van de rijkere inwoners. Het was best een hele wandeling, de afstanden tussen de verschillende gebouwen was groot, er was niet zoiets als een hoofdstraat met daaraan alle huizen. We kwamen onderweg ook nog de groep toeristen met hun gids tegen. Hij liet nog een plek zien met allemaal glasscherven van de verschillende flessen drank die in die tijd genuttigd waren. Verder vertelde hij nog dat er zoveel buffels en wilde varkens in het gebied zitten omdat de Engelsen die uit Indonesie hadden geimporteerd. 's Middags zijn we naar Kennedy Bay gevaren, een baai weer bijna bij de monding van Port Essington. We lagen weer best ver uit de kust maar om wat beweging te krijgen ging ik een eindje roeien, op de terugweg werd ik achervolgd door een klein haaitje, ongeveer 1 meter lang. Hij zat vlak achter de rubberboot en toen ik een eindje wegroeide kwam hij er steeds weer aan. Daarna nog samen met douwe helemaal naar de wal geroeid en geland op een prachtig strandje. 's Avonds zagen we veel rookpluimen en bosbrandjes op de kust. Het is normaal hier dat het bos altijd een beetje brand, zo worden groter branden voorkomen en is er weer plek voor nieuwe aangroei.

Vrijdag 10 juli 2009, Alcaro Bay

We wilden eerst weer naar de overkant van de baai varen, naar Black Point om daar nog een stukje te wandelen maar het waaide zo lekker en voor de komende dagen was niet veel wind voorspeld dus besloten we om maar door te varen. We hebben de eerste 35 mijl richting Darwin gevaren. We ankerden in Alcaro baai. Dit is vlak voor Cape Don en 's nachts konden we de vuurtoren van Cape Don zien. Onderweg kwam een vliegtuigje van de customs langs. Hij vloog heel laag vlak langs de boot en riep ons even later op op de marifoon. Ze houden hier heel precies in de gaten wat er allemaal langs de kust van Australie vaart. Positie 11 17.44S 131 47.58E.

alcaro bay
Wandeling bij alcaro bay, van de aanlegplaats is een weg naar de vuurtoren aangelegd

Zondag 12 juli 2009, Cape Hotham

Douwe schrijft weer: Gisteren een dagje in Alcaro Bay gebleven. Mooie plek, stranden en mangroves. De tocht naar Darwin vanuit Alcaro Bay voert door de van Diemen Golf. De van Diemen Golf is een redelijk besloten stuk water (IJsselmeer afmetingen) met sterke tijstromen en veel ondieptes. Om het eerste stuk de stroom mee te hebben moeten we dan ook vroeg weg, 4.45 uur varen we al weer (vertrek 4.30 uur voor HW Darwin). Maar dan schieten we ook met meer dan 10 kopen Cape Don voorbij en de van Diemen Golf in. Er komt wat wind en de zee wordt ruw. Rond het middaguur neemt de stroom af en gaat tegen staan, geheel volgens de stroomkaartjes. Dan ankeren we in de luwte van Cape Hotham. Afgezien van wat deining liggen we redelijk rustig. Positie 12 06.00S 131 47.58E

Maandag 13 juli 2009, Fannie Bay, Darwin

De laatste mijltjes van Australie! Rond 10 uur vertrekken we. Een paar uurtjes latyer pikken we de vloedstroom op richting Darwin.17.30 gaat het anker neer in Fannie Bay, de ankerplek bij Darwin. We zijn niet de enigen hier. Er liggen honderden boten voor anker, waarvan de meeste zaterdag zullen vertrekken met de rallye naar IndonesiŽ. Maar ons stuk Australie zit er op. Vanaf Bundaberg hebben we 2107 mijl (over de grond) afgelegd, bijna 4000 kilometer.

Attentie: de vorige pagina is nu ook aangevuld met foto's! klik hier.


Volgende pagina