Vorige pagina                                                                                              Overzicht Golf van Aden en Roode Zee

Golf van Aden



Maandag 22 februari 2010, Port Salalah

Voor anker ergens in een hoekje van de containerhaven. Om alleen al het haventerrein af te komen is 20 minuten lopen. Dan naar Salalah zelf nog eens 15 kilometer. Vandaag ben ik met een taxi de stad in geweest. Door een compleet kale gravelwoestrijn loopt een grote 4 baans snelweg naar Salalah. Hier en daar staan grote gebouwen verspreid in het grind. Ook de stad is eigenlijk nog een stuk woestijn. Zeer ruim opgezet. Verspreide bebouwing met overal grote braakliggende stukken zand en enorme lege parkeerterreinen. Zonder auto kan je hier helemaal niets. Maar er zijn uitstekende supermarkten met een veel ruimer assortiment dan in Thailand. Ook schijnen er een aantal toeristische bezienswaardigheden te zijn, maar op het ogenblik ben ik te druk om de boot klaar te maken voor het volgende traject. Zo heb ik inmiddels weer 100 liter diesel extra aan boord, via de "agent" aangeschaft voor 50 cent per liter. Jachten mogen hier niet de lokale diesel van 10 cent per liter aan boord brengen, dat is smokkel. Dus smokkelt de agent voor je en steekt hij het verschil in zijn zak (neem ik aan).
Gisteren heb ik ook de nieuwe alternator (dynamo) gemonteerd. Werkt. Wel staat de ingebouwde regelaar wat hoog afgesteld, accuspanning liep op naar 14.7 volt, te hoog. Gelukking had ik nog een scheidingsdiode die ik er tussen heb gezet en zo houd ik de spanning onder de 14 volt en binnen de marges.
De hier aanwezige jachten gaan bijna allemaal mee met een "super convooi", gebaseerd op het idee met hoe meer hoe veiliger. Dat convooi vertrekt over 10 dagen en vaart non-stop de 600 mijl naar Aden. Singlehanders mogen mee, maar dan achterin het convooi op een mijl afstand. Nu is 600 mijl non-stop convooi varen voor een simglehander veel gevraagd, verder zijn er een aantal interessante plekken op de kust van Jemen die ik ook wil zien. En 10 dagen hier hoeft nu ook weer niet. Veel van de mmensen op de jachten hier zijn enorm angstig, een tikje paranoide. Maar als het echt zo gevaarlijk is als ze doen voorkomen, dan zouden ze hier nooit langs moeten varen. Ik wil dus op korte termijn vertrekken en dan een aantal stops maken
in overzichtelijke rukken tot Mukalla. Het stuk van hier tot Mukalla wordt algemeen als veilig beschouwd, er zijn in geen tijden incidenten met kapers geweest. Vanaf Mukalla begint de zogenaamde "pirate alley" het stuk waar kapers nog in januari actief zijn geweest. Dat stuk zal ik proberen samen met andere boten te varen, of eventueel alleen 's nachts. Maar ook hier moet je de risico's niet overdrijven. In heel 2009 is op dit traject geen enkel jacht gekaapt.

Dinsdag 23 februari 2010, Golf van Aden, onderweg naar Al Mukkalla, dag 1

De Johanna is weer op zee. En het is alsof de rust is weergekeerd aan boord. Aan wal was het druk, druk, druk. Inklaren, boodschappen, onderdelen, water en diesel aan boord slepen, reparaties. Zelfs vergaderen met potentiele convooigenoten en dan ook nog uitklaren. En overal yachties, heb je het al gehoord, incident hier, probleem daar, coalition force zegt dit of dat. En hier op zee, weer een boekje lezen, de ruimte om je heen, rust. Weliswaar op de motor tegen 10 knoopjes wind in, maar die wind gaat tegen de avond wel weer liggen. Het lijkt inmiddels of het op zee zijn de normale situatie is aan boord van de Johanna, de havens zijn slechts korte intermezzo's en onderbrekingen van het varende bestaan.

We varen nu naar het westen onder de kust van Oman en straks Jemen. Bestemming is in eerste instantie Al Mukalla, 335 mijl van Salalah. Wel wil ik een stop maken in Ras Sharma, 55 mijl voor Al Mukalla. Dat schijnt een prachtige beschutte ankerplaats te zijn bij een vissersdorp. Met een beetje geluk kan ik daar overmorgenavond voor donker aankomen.

vissers
Vissers voor de kust


Woensdag 24 februari 2010, Golf van Aden, naar Al Mukalla, dag 2

Het is net een jongensboek, dat kanaal 16. Als het niet echt was zou het leuk zijn. Dat gaat zo:

Coalition warships, coalition warships, this is producttanker Gampel. I have sighted a suspicious wooden vessel towing three skiffs on my porthand side. My position is 15-53.3N 053-19.7E. Geen antwoord, 3 maal herhaald, klink zeer zenuwachtig. Ik twijfel of ik een relay moet aanbieden, maar blijf liever buiten beeld. Dan komt er een warship in de lucht, antwoordt en vraagt details.

Ik heb ondertussen de positie in kaart gezet, shit, maar 18 mijl bij mijn koerslijn vandaan. Koers verlegd, dichter naar de kust. Gelukkig straks donker. Dan 20 minuten later later:

Gampel, Gampel, this is coalition forces helicopter. We have investigated the vessel you have indicated and they are fisherman.

Dow met skiffs
Dow met twee skiffs in de verte, moederschip?

De coalition forces doen dus best wat.

Rustige nacht gehad op een spiegelgladde zee. Het monotone gebrom van de motor kan me niet uit de slaap houden. Drie schepen op tegenkoers tegengekomen. Keurig door de radar op 3 mijl opgepikt. Het zijn kleinere schepen zonder AIS. Een kon ik ondanks de wassende maan niet op het oog onderscheiden, mogelijk verhuld in nevelsluiers of zonder licht. De laatste passeerde dichtbij, opgevrolijkt door knipperlichtjes in alle kleuren, was nog een stevige bak. En dan vraag ik me af, hoe gaat dat met een convooi van 25 schepen zonder verlichting, gaat een lokale vrachtvaarder, gebouwd van planken van dik hout, daar dwars door heen? In ieder geval niet onderdoor. En uitwijken doet hij ook niet want hij ziet ze niet. Vooralsnog vaar ik maar even alleen of met een klein flexibel convooi.
Veel stroom tegen, maak minder voortgang dan gepland en gebruik veel diesel.

Middag. Vaar weer dichter onder de kust, een lange bocht afgesneden. Rechts de hoogoprijzende bruin-grijze bergen van de Jemenitische woestijn. Aantrekkelijk om hier te stoppen. Achter de kaap is een klein haventje, maar laat maar even, in Ras Sharma (140 mijl verder) ligt het convooitje dat twee dagen voor mij uit Salalah vertrokken is. Ik zal kijken of ik me bij hen kan aansluiten voor het gevaarlijker traject tussen Mukalla en Aden. Later maar weer toeristje spelen, eerst dit traject klaren.

Net een warship gepasseerd. En iets verderop doemt een dow met een skif erachter op, maar ze komen niet deze kant op. Dat is maar goed ook, anders stuur ik de coalition warships op ze af. Vandaag gaat ook de klok weer een uur terug, Jemenitische tijd ligt twee uur voor op Nederland. Zo merk je echt dat je dichter bij huis komt.


Donderdag 25 februari 2010, Golf van Aden, naar Al Mukalla, dag 3

Rustige nacht, alleen zo nu en dan een vals alarm van de radar. Die staat zo scherp afgesteld dat het alarm op iedere roeiboot die me nadert afgaat. Maar ook voor een langsvliegende stormvogel en een school springende dolfijnen. En die zijn hier veel, soms overal waterfonteinen en glanzende ruggen.
Inmiddels vaar ik wat dichter onder de Jemenitische kust, hier is minder stroom, of de stroom is gewoon afgenomen. Vlakke zee, bruin land met verspreide witte stadjes langs de kust. En overal vissers. Zo uit het niets zijn ze opeens met hun kleine bootjes bij je, bieden je vis te koop aan, vragen sigaretten die ik niet heb, en vertrekken vriendelijk lachend en zwaaiend weer met hoge snelheid.
Verder een prachtig brood gebakken. De nieuwe alternator doet het prima en er is nu weer stroom in overvloed als de motor draait. Zo kan ik de broodmachine weer gebruiken.

Voor de technisch geinteresseerden: Ik vaar hier dus veel op de motor. Weinig keus, zonder wind en met een knoop stroom tegen zijn dit niet de beste plekken om te gaan dobberen. Voor het varen op de motor is dieselolie nodig. Daarvan heb ik als ik alles vol tank, en dat doe ik bij iedere gelegenheid, 350 liter aan boord. Twee tanks van bijna 120 liter elk en nog 6 yerricans van 20 liter het stuk. De yerricans dienen ook voor het aan boord halen van de diesel. Het gebruik van de motor wisselt sterk afhankelijk van het toerental. Bij 1900 toeren vaart hij 4,5 knoop en is het verbruik een liter per uur. Maar als je 2500 toeren maakt vaar je 6 knopen bij een gebruik van 2.5 liter per uur. En dat doen we nu dus.

Ras Sharma
Nadering van Ras Sharma, van de zeezijde gezien

Om 16.00 voor anker gegaan in Ras Sharma. En wat moet ik daar nu van zeggen. Een decor uit Lawrance of Arabia, sprookjes uit 1001 nacht, en je ligt er met je schip middenin. Je vaart op de woeste kust aan, rond een kaap, en daar ligt een sprookjesbaai in de woestijn. Klein strand, hoog oprijzende gele rotsen, ruines van een oude fortificatie en nog prachtig beschut ook. Dit is dus Jemen.
Hier liggen nog 8 andere jachten, het convooi dat afgelopen zondag uit Salalah vertrokken is. Ik kom net op tijd, zometeen vergadering op het strand. Punt 1: Nieuwe deelnemer aan het convooi. Aangenomen. Alleen het is geen convooi maar een groep. Punt 2: Blijven we morgen hier of gaan we door. Nog een dag blijven, komt me goed uit. Einde vergadering, ik word aan iedereen voorgesteld. Twee Zweedse schepen, drie Nieuw Zeelandse, een Ier, twee Amerikanen en nu dus nog een Nederlander. Regels van het convooi, nee groep moet ik zeggen, regel 1: er zijn geen regels. Wat voor snelheid varen we: we passen ons aan aan de langzaamste. Marifoonkanaal: 74. Hoe vind je elkaar terug op zee: er zijn 2 schepen met AIS responders. En neem nog een biertje.
Positie 14-49.4N 050-01.3E.


Vrijdag 26 februari 2010, Golf van Aden, Ras Sharma

ankerbaai
De baai van Ras Sharma, de Johanna in het midden

Vandaag een rustige dag in de ankerbaai. Dieseltanks bijgevuld uit de yerricans en de Windpilot stuurautomaat gerepareerd met de in Salalah ontvangen onderdelen. Daarna een wandeling door de woestijn gemaakt. Vandaag is hier een feestdag, iedereen is vrij en er waren dan ook flink wat mensen op het strand, kinderen in het water spelen, een drukte van belang en allemaal plezier. Dat wil zeggen, de jongens en mannen. Want vrouwen en meisjes, ook de kleintjes, zie je hier niet. Ik vermoed dat die van jongs af aan opgesloten worden. Maar de mannen allervriendelijkst, hielpen me de rubberboot hoger op het strand te dragen. Achter het strand de woestijn. Een grindpad slingert zich door het dorre land naar de bergen toe. Vrijwel geen begroeiing, hier en daar wat verdroogde doornstruiken. Echt ver ben ik niet gekomen in de brandende zon, maar het blijft speciaal.

vissers
Het zijn dus vissers die hier Ras Sharma aanlopen

vissers 2
Aan bemanning geen gebrek

landschap
De woestijn bij Ras Sharma

Zaterdag 27 februari 2010, naar Al Mukalla

Het plan is met het convooi naar een nieuwe vissershaven te gaan 20 mijl oost van Mukalla en van daaruit Mukalla te bezoeken. Volgens afspraak gaat de hele groep vanochtend bij zonsopkomst om 6 uur anker op. In het begin was het wat oppassen met afstand houden, maar later verspreide de club zich wat meer. We varen op de motor over een ruwe zee, geen noemenswaardige wind. Bij de olieterminal worden we door een patrouilleboot gepaaid, of we meer afstand willen houden tot aan geankerde tanker. Het hele convooi steekt verder naar zee. De ingang van de vissershaven is wat ondiep, maar de haven heerlijk beschut. Eerst moeten we langszij wat vissersboten afmeren. Net als ik vast zal maken, toch weer niet, voor anker. Wat nauw met 8 boten, maar het waait niet. Dan willen ze copien van de paspoorten, worden verzameld en opgehaald. Dan, inmiddels meer dan een uur later, willen ze 150 US$ per boot plus 5$ per dag, dat is echt te gek. Allemaal anker op en weer op pad, we kunnen nog net voor donker in Mukalla zijn.
Inderdaad, bij het invallen van de duisternis meer ik op aanwijzingen van port control af aan een vissersboot in de nieuwe haven van Al Mukalla. Drie andere schepen van het convooi komen langszij. Rond ons een drukte van belang, dows boordevol met passagiers, roepend en schreeuwend. Al snel is het donker, maar toch komt de agent nog met immigratie nog aan boord. Stapels formulieren invullen, morgen de paspoorten weer ophalen. En nu muggen vangen, nog nooit zoveel muggen aan boord gehad als hier en dan slapen.


Maandag 1 maart 2010, El Mukalla

De discussie of we met de groep vandaag in Mukalla gingen blijven zou de avond tevoren plaatsvinden, maar was toen niet meer nodig omdat een boot zijn was had weggebracht en dat zou pas eind volgende dag klaar zijn. Zo zet je de groep dus naar je hand. Toen volgde een discussie of er dinsdag vertrokken zou worden, sommige boten wilden op wind wachten, maar die komt voorlopig niet en andere boten wilden dan wachten tot de zee vlak zou worden, maar dan moet je niet op zee gaan varen. En dan was er nog iemand die wilde 3 dagen blijven omdat je drie dagen mag blijven zonder extra te betalen.

Al Mukalla
Het centrum van Al Mukalla

Maar de maandagmiddag wordt nu besteedt aan een gezamenlijke sightseeing tour in een volgepakt minibusje, georganiseerd door onze agent. Waar we heengaan is een verrassing en uitleg onderweg krijgen we niet. We rijden langs de zee Al Mukalla uit naar het westen. Mukalla blijkt zeer uitgestrekt te zijn, eindeloze schaarsbebouwde nieuwe wijken, braakliggende industrieterreinen in wording en heel veel half afgemaakte bouwsels. En eindeloos veel ommuurde percelen grond. Dat is hier de manier om je eigendomsrecht op een perceel vast te leggen, zet er een muur om heen. En al die braakliggende grond, en verder de hele omgeving zover het oog rijkt is versierd met plastic zakken. In alle kleuren, rood, geel, groen, blauw en wit. Het lijkt wel alsof de woestijn tot leven is gekomen en bloeit. Iedere doornstruik heeft er wel een paar te pakken, vrolijk wapperend in de wind. Ook in de stad ligt overal afval, niemand lijkt dat als een probleem te zien, uit het raam gooien is gratis. De busreis ging verder langs de kust, tot een vissersdorp 40 minuten verderop. Daar werd gekeerd en daarna teruggereden. Onderweg nog wel even gestopt bij enorme houtskoolovens. Foto's volgen. We werden gedropt in de ijssalon van Mukalla, een donkere jaren 50 gelegenheid, ik dorst er geen ijs te eten. Het volgende programmapunt was een schitterend uitzicht vanaf de berg met forten, jammer alleen dat het al donker begon te worden. Toen nog met de groep naar de supermarkt, de bakkerij en uit eten. Ik geloof niet dat ik echt een groepsmens ben. En 's avonds om elf uur kwam uiteindelijk de agent met de clearance van de havenkapitein die hij uren eerder beloofd had. Maar we kunnen morgen weg.

Straatbeeld in Al Mukalla
Straatbeeld in Al Mukalla, de vrouwen geheel bedekt

woonwijk Al Mukalla
Woonwijk in Al Mukalla

oude haven
De oude haven van Al Mukalla

oude stad
De oude stad van Al Mukalla

nieuwe haven
Nieuwe haven van Al Mukalla, de Johanna is de linker van het pakketje van drie geankerde jachten

Dinsdag 2 maart 2010, naar Aden

Vanochtend rond 8 uur met de hele groep vertrokken. Dat had nog even wat voeten in de aarde, er zaten wat ankerkettingen in elkaar verstrikt en er werd een oud fornuis opgehaald maar toen waren we ook op weg. Op de motor, geen wind, onrustige zee. Langs een woeste grotendeels onbewoonde kust. Puntige bergen, overgoten met woestijnzand alsof het suikertaartjes zijn. Wat het varen met een convooi betreft, dat is nog even wennen. Afspraak was: 5 knopen door het water. Maar een van de grotere schepen kon dat niet bijhouden, problemen met de motor, of het langzamer kon. Nou, wat mij betreft moeilijk, want de motor moet wel blijven draaien en die hele lage toerentallen trillen veel te veel. Later wat wind, motor uit. Maar dan wil zo'n 15 meter schip wel. Dus terwijl ik inmiddels achterin het veld met dik 6 knopen heerlijk voortzeilde kwam het verzoek of ik wat sneller wilde varen. Niet dus, afspraak was 5 knopen door het water. Nu zeilt een deel van de vloot met half opgerolde zeilen voor me.

Al met al ben ik blij uit Al Mukalla weg te zijn. Van een afstand lijkt het mooi en schilderachtig, maar van dichtbij is het  smerig en vervallen, alles is kapot, overal afval en puin.
Nog 228 mijl naar Aden (15.30 lokaal, 13.30 UTC)


Woensdag 3 maart 2010, naar Aden

Rustige nacht gehad. Ik ben een mijl of twee aan bakboord van het convooi gaan varen, met de radar op alarm. Zo heb ik prima geslapen ondanks de motor. De zee was rustig.
Vanochtend een hele discusie in het convooi. Er is vannacht te langzaam gevaren, zo halen we Aden morgen niet en we willen geen derde nacht onderweg zijn. Conclusie: we gaan sneller. Maar we gaan niet sneller, er staat stroom tegen. Dan moet je nog sneller zou je denken, maar sommige schepen halen ondanks de afspraken de 5 knopen niet, voor hen is 4.5 door het water wel het maximum, anders lopen ze warm, lekken diesel en dat soort dingen. Je zou denken dat je dan niet moet afspreken 5 knopen te varen. Het convooi is dus "slowing down", dat betekent dat er nog geen 3,5 knoop over de grond overblijft en dat ze overmorgen gaan aankomen, want Aden bij donker aanlopen is niet verstandig. Nu zit ik dus in dubio, moet ik met bijna stationair draaiende motor hier nog een etmaal ronddrijven en of zal ik gasgeven om morgen in Aden te zijn. Het is een risico afweging. Hier langer verblijven is een risico op zich. Het is hier namelijk niet pluis. Vier mijl van deze positie is 20 januari een schip gekaapt. Gisteren is in de aanloop naar Aden een schip aangevallen. Het convooi zou bescherming bieden, maar hoeveel. We varen ver uit elkaar, gauw 0.3 mijl. De schepen varen dus zover uit elkaar dat indien er een aanval van snelle motorboten komt er geen tijd is voor enige hergroepering of andere actie. De Amerikanen in het convooi hebben vooraf ook nadrukkelijk gesteld in geval van aanvallen geen ondersteuning te zullen bieden, maar dat is in de praktijk ook niet echt mogelijk. 's Nachts vaar ik sowieso alleen. Ik heb daarom net aan het convooi gemeld dat ik voorlopig vooruit vaar, zodat zodat ze me op de middagbries in kunnen halen zonder dat ze dan op me moeten wachten zoals gisteren. Geen probleem. Nu vaar ik alleen vooruit de nevelige verte in. De motor draait op de 2500 toeren, daarmee doe ik naar schatting 6 kn door het water en 4.8 over de grond met een ETA (expected time of arrival) in Aden van 17.00 morgenmiddag.

Er komt een vissersboot langszij varen. In vodden geklede mannen zwaaien met lege waterflessen, water, water. Zoals een goed zeeman betaamt pak ik een 5 liter kan uit de bakskist, ze kijken blij. Ik gooi, mis, kan valt in het water, drijft wel. Ze stoppen niet, varen door, vragen nu om sigaretten. Het alleen al vragen om sigaretten was dus belangrijker dan het water. Zonde van mijn kan kostelijk drinkwater. Ik zwaai dat ze op moeten hoepelen, nu proberen ze mijn kan terug te vinden, maar die lijkt al te ver weg.

Later aan de horizon, precies op mijn koers, een wat groter schip met daaraan een paar kleinere, er vaart ook een kleine in de buurt. Denkend aan de regelmatige oproepen van de warships op kanaal 16: "please report any suspicious activity", roep ik een warship op 16. Warship, warship, this is sailing yacht Johanna. Herhaal nog twee keer, geen antwoord. Het convooi antwoordt wel, of er problemen zijn, niet dus, maar die probeer ik wel te voorkomen. Ik verminder vaart, bestudeer het geheel langdurig door mijn grote gestabiliseerde kijker. Volgens mij zijn ze aan het vissen, varen heen en weer en in cirkeltjes. Doorgevaren dus. Inderdaad vissers, met wel tien man per piepklein bootje.

De middagbries is inderdaad gekomen, anders dan verwacht, 10 knopen pal op de neus. Maar de tegenstroom is wat afgenomen, ik loop nu 5.4, het convooi zit op 4.5 kn. Hoor net op de radio dat ze even stoppen, er moeten mensen olie verversen. ETA Aden nu 14.00, ziet er goed uit als alles zo blijft. Straks de nacht in, met alle ruimte om me heen, de zee is hier weer leeg. Nog 113 mijl naar Aden.


Donderdag 4 maart 2010, aankomst Aden

's Nachts wat wind, heerlijk even de motor uit en zeilen. Het convooi maakt vaart zie ik op de AIS, twee schepen hebben namelijk een AIS responder (zender) aan. Tegen zonsopkomst laat ik me inhalen, toch leuk om het laatste stuk samen te varen. Maar weer blijkt dat het varen in convooi gevaarlijk is. Terwijl ik van het ochtendzonnetje geniet, maakt een ander schip een paar manouvres om een vistboei te ontwijken. De bemanning verdwijnt onder dek, maar het schip draait door, recht op mijn achterschip af. Ik kan ze maar net ontwijken, zonder dat ze iets merken. Pas de laatste mijlen doemt de hoge vulkaan van Aden uit de nevels op.

nadering Aden
Aden doemt op uit de nevels

Gegevens worden uitgewisseld met port control. Daarna permissie om te ankeren bij de Prince of Wales pier. De Johanna ligt in Aden.

Aden, old city
De oude stad van Aden vanaf de ankerplaats

uitzicht over Aden
Uitzicht over Aden vanaf de klokketoren

Zaterdag 6 maart 2010, Aden

Een toeristische rondrit gemaakt met een taxi langs de standaard bezienswaardigheden van aden. Het meest opmerkelijke vond ik de waterreservoirs in de berg boven de oude stad. Dit zijn een serie aan elkaar geschakelde tanks die miljoenen liters regenwater opvangen. Deze tanks zijn in 1850 bij toeval door de Engelsen ontdekt en daarna uitgegraven, ze waren geheel met puin van de bergen bedekt. Er is niets bekend over de oorsprong of de ouderdom van dit watersysteem.

watertanks
Een van de waterreservoirs

Zondag 7 maart 2010, Aden

Afgelopen dagen toch steeds druk geweest. Naar de supermarkt, modern en duur in de wijk Crater. En vandaag diesel getankt. Het lijkt wel alsof alles nu naar diesel stinkt. Om te tanken moet je met het schip naar de Aden Bunker Company. Daar ga je voor anker. Met de bijboot ga je dan de bestelling regelen. Eerst bij het linker gebouw de hoeveelheid opgeven. Die wordt omgerekend in tonnen aan de hand waarvan de prijs wordt bepaald. Dan ga je in het andere gebouw betalen, dollars. Dan terug naar het eerste gebouw waar de bestelling omgerekend wordt in gallons want die staan op de meter. Dan krijg je instructie om over een uur langszij het tankplatform te komen. Dat tankplatform lag gisteren nog bij een zeeschip. Eenmaal langszij wordt geconstateerd dat de 15 cm dikke slang niet op mijn vulopening in dek past. Nu hebben ze wel een kleine slang, maar... een gift is dan wel op zijn plaats. Er verdwijnt dan 5 dollar in de zakken van de opzichter van de ploeg. Grote flenzen worden losgeschroefd, stromen diesel gaan verloren, reusachtige koppelstukken worden vervangen. Resultaat: een 7 cm dikke slang waarvan de uitloop net in mijn openingetje past. Een enorme generator wordt gestart, grote afsluiters opengedraaid. De diesel spuit over dek. Nu snappen ze het: very slowly. Zo komt de tank nog vol ook. Dan naar het linker gebouw een bon halen voor de niet afgeleverde diesel. Dan in het rechtergebouw weer naar de kassier die keurig het saldo in dollars terugbetaald. Reken maar op een halve dag om te tanken als je tenminste meteen aan de beurt bent.

tankstation
Tankstation

Maandag 8 maart 2010, Ras Imran

Vanmorgen uitgeklaard, en na de instemming van Port Control anker op. De eerste stop op weg naar de Roode Zee is Ras Imran. Ik lig hier geankerd in een half-ronde krater die een goede beschutting en een prachtig uitzicht biedt. Een eindje verderop een half boven water uitstekend wrak, daarachter een strand dat overgaat in glooiende zandhellingen oplopend naar de bruine bergen waar het zand vanaf gestroomd lijkt. Vandaag was het een rukje van maar 22 mijl met een mooie achterlijke wind. Prettig om weer op pad te zijn en weg uit de drukte van Aden.

Ras Imran
Ankerplaats in de krater  Ras Imran

LATITUDE: 12-44.43N LONGITUDE: 044-42.56E


Dinsdag 9 maart 2010, Ra'S Al 'Arah

70 Mijl ten westen van Aden ligt de baai van Ra'S Al 'Arah, 25 mijl voor de straat van Bab El Mandeb, waar de Roode Zee begint. Dit is mijn laatste stop in Jemen. Vandaag mooi kunnen zeilen, heerlijk na al dat motor varen van de laatste week.
Ik lag nog maar net voor anker of de Jemenitische kustwacht kwam al langs. Onbewapend en ongeuniformeerd. Een man kwam aan boord en schreef alle gegevens op een kladje. Daarna gaf hij aan dat ik daar niet kon liggen, maakte een schietgebaar en wees verderop. Ik dus ankerop en de richting op gevaren die hij aanwees, bij het gebouw van de kustwacht. Daar opnieuw geankerd, kustwacht tevreden, maakte een uitkijkgebaar, konden ze me in de gaten houden. Aan land een wat kale boel met wat verspreide huizen en kotten. Ik blijf aan boord, pomp de dinghy niet op, morgen heel vroeg op weg. In de straat van Bab El Mandeb wil het namelijk nogal flink waaien, 's ochtends vroeg is dat wat minder en daar mik ik dus op. Net ook nog een mooie vis gekocht van langskomende vissers, zeker genoeg om twee dagen flink van te eten.
Positie  12-37.53N  043-54.85E


Volgende pagina: Roode Zee